Schouderinstabiliteit
Ontwrichting en herhaalde luxatie van de schouder
De schouder is het meest beweeglijke gewricht van het lichaam, en daardoor ook het gewricht dat het makkelijkst uit de kom schiet. Na een eerste ontwrichting is de kans op herhaling reëel, zeker bij jonge en sportieve mensen.

Wat is het?
Bij instabiliteit schiet de schouderkop geheel of gedeeltelijk uit de kom. Vaak begint dat met één keer uit de kom gaan (een ontwrichting of luxatie), bijvoorbeeld bij een val of een contact tijdens het sporten. Daarbij scheurt meestal de kraakbeenring rond de kom, het labrum, en soms gaat er ook wat bot verloren.
Er bestaat ook een vorm zonder ongeval, bij mensen met van nature zeer soepele gewrichten. Die vraagt een andere aanpak.
Klachten
- De schouder is uit de kom geweest en moest ter plaatse of op spoed weer in de kom worden gezet
- Het gevoel dat de schouder eruit gaat bij bepaalde bewegingen
- Angst om de arm naar achter en naar buiten te bewegen, bijvoorbeeld bij het werpen
- De schouder gaat opnieuw uit de kom, soms steeds makkelijker
- Soms tintelingen of een doof gevoel in de arm vlak nadat de schouder uit de kom is geweest
Onderzoek
Tijdens het onderzoek testen we in welke richting de schouder instabiel is, en hoe soepel uw gewrichten in het algemeen zijn.
Een RX toont botverlies aan de kom of een indeuking van de schouderkop. Een MRI- of CT-scan brengt het labrum en de hoeveelheid bot in kaart. Samen met uw leeftijd, uw sport of werk en het aantal keren dat de schouder uit de kom is geweest, bepaalt dat welke behandeling het best past.
Behandeling zonder operatie
Na een eerste ontwrichting volgt een korte periode rust in een draagdoek, gevolgd door kinesitherapie. Die richt zich op de spieren die de schouderkop in de kom houden en op de controle van het schouderblad.
Bij instabiliteit zonder ongeval is kinesitherapie bijna altijd de eerste en vaak enige behandeling.
Operatie
Gaat de schouder herhaaldelijk uit de kom, of is het risico daarop hoog, dan stellen we een operatie voor. Er zijn twee hoofdtypes van ingrepen. Bij de ene hechten we het gescheurde labrum terug op de rand van de kom via een kijkoperatie. Bij de andere, de latarjetprocedure, verplaatsen we een stukje bot naar de voorzijde van de kom, zodat de kop ook mechanisch wordt tegengehouden.
Welke ingreep het best past, is niet alleen een kwestie van hoeveel bot er verloren is. Ook uw leeftijd, uw sport (zeker contactsporten), uw werk en het aantal keren dat de schouder al uit de kom is geweest wegen mee. Zo kiezen we bij jonge mensen of contactsporters soms voor de latarjetprocedure, ook als het botverlies beperkt is. Dat bekijken we per geval en bespreken we met u.
Herstel en revalidatie
Na de operatie draagt u enkele weken een draagdoek. Daarna volgt kinesitherapie, waarbij de beweging stap voor stap wordt vrijgegeven.
Terugkeer naar contactsport of werpsport duurt doorgaans vier tot zes maanden, en gebeurt pas wanneer kracht en controle terug zijn.
Wanneer doorverwijzen?
Voor huisartsen en kinesitherapeuten
Verwijs na een eerste keer uit de kom bij patiënten jonger dan 25 jaar en bij contactsporters, en verwijs iedereen bij wie de schouder een tweede keer uit de kom is geweest. Stuur de RX van vóór en na het terugzetten mee.
Vragen over uw schouder?
Bespreek uw klachten op de raadpleging. Per arts en per locatie ziet u hoe u een afspraak maakt.
Bekijk de consultatiesVoor uitgebreide medische informatie per aandoening verwijzen we naar onze website Orthoca.
Meer informatie via Orthoca.beOpent in een nieuw tabblad